21 januari 2026

Geweld mag niet lonen, pak relschoppers keihard aan!

Op woensdag 21 januari debatteerde de Tweede Kamer met minister Van Oosten (Justitie en Veiligheid) over geweld tegen de politie en hulpverleners en de hufterigheid in de samenleving. Namens de SGP sprak Diederik van Dijk. Zijn inbreng is hieronder te lezen.

"Als een volk dat bestaat uit 100 miljoen burgers beschermd wordt door 100 miljoen innerlijke politiemensen - dat wil zeggen, door honderd miljoen gewetens die heersen over het eigen ik - dan zijn er op straat weinig politiemensen nodig.
Echter, in een samenleving zonder innerlijke agenten zijn er nooit genoeg politiemensen om beschaving te garanderen. Zelfbeheersing is geen autoritair systeem maar veeleer het tegendeel ervan." Dit citaat van de filosoof Michael Novak legt de vinger op de zere plek.

Maar een rechtsstaat kan zich niet beperken tot morele beschouwingen. Wanneer innerlijke grenzen verdwijnen, moeten juridische grenzen des te strakker worden getrokken en ook daadwerkelijk worden gehandhaafd.

Strafmaat
Mijn zoon Rutger start deze maand zijn politieopleiding. Mijn vrouw en ik zijn supertrots, maar ineens voel je iets meer mee met die vaders en moeders die hopen op een geruststellend berichtje van hun zoon of dochter die ’s nachts de straat op is geweest. En daarbij geldt: wie geweld gebruikt tegen een hulpverlener, schendt niet alleen een persoon, maar tast het gezag en de beschermingsfunctie van de staat zelf aan. Dat rechtvaardigt de strafverzwaringsgrond voor geweld tegen personen met een publieke taak zoals vastgelegd in ons Wetboek van Strafrecht en uitgewerkt in de ELA (Eenduidige Landelijke afspraken).

Deze dubbele strafmaat is geen symboliek, maar een normatieve opdracht aan het OM Ministerie en de rechterlijke macht. Helaas zien we in de praktijk dat deze bepaling te vaak niet of marginaal benut wordt. Daarmee wordt de bedoeling van de wetgever én de veiligheid van onze hulpverleners uitgehold. Waarom wordt het geldende recht onvoldoende toegepast? Wat gaat de minister doen om dat te corrigeren?

De SGP doet 3 concrete voorstellen:

  1. Dring bij het OM aan op de wettelijk voorgeschreven strafverzwaringsgrond bij geweld tegen hulpverleners; afwijking van deze norm dient nadrukkelijk gemotiveerd te worden.
  2. Structurele verankering van de dubbele strafmaat in straftoemetingskaders en oriëntatiepunten bij de Rechtspraak.
  3. Rapporteer transparant over de toepassing van deze strafverzwaring, zodat parlementaire controle mogelijk wordt.

Preventie
Strafrecht dient niet alleen vergelding, maar ook preventie. Op dit moment ontbreekt het afschrikwekkende effect. Wie nu vreugde en teleurstelling botviert door politieagenten te bekogelen met zwaar vuurwerk, ervaart té vaak dat dit effect strafrechtelijk beperkt blijft. Dat ondermijnt de rechtsorde en werkt normvervaging in de hand. Daarom moet ook het instrumentarium richting notoire relschoppers en veelplegers worden aangescherpt. De SGP pleit voor ruimere mogelijkheden tot preventieve vrijheidsbeperking en vrijheidsbeneming bij concrete aanwijzingen voor ernstig geweld rond risicomomenten. Denk aan preventieve hechtenis, gebiedsverboden en een meldplicht met directe strafrechtelijke consequenties. Bescherming van hulpverleners moet hier zwaarder wegen dan de bewegingsvrijheid van wie stelselmatig de rechtsorde ondermijnt.

Toereikende geweldsmiddelen
Daarnaast moeten wij kijken naar de middelen waarmee onze politie en ME worden uitgerust om zichzelf én de samenleving te beschermen. In omringende landen, zoals Frankrijk en Duitsland, wordt bij grootschalige ordeverstoringen en zware aanvallen op agenten gewerkt met onorthodoxe geweldsmiddelen. Deze middelen zijn ingrijpend en vragen om juridische kaders, proportionaliteit en toezicht. Afgelopen jaarwisseling zagen we dat zelfs met de pilot die gedraaid werd naar aanleiding van de aangenomen motie Stoffer c.s. over extra geweldsmiddelen, de politie niet altijd adequaat kon ingrijpen.

  • Is de minister bereid te onderzoeken welke lessen hier te trekken zijn, kijkend naar de wettelijke mogelijkheden in onze buurlanden?

Taskforce ‘Onze Hulpverleners Veilig’
Tot slot vraag ik de minister

  • hoe de Taskforce ‘Onze Hulpverleners Veilig’ bijdraagt aan deze strafrechtelijke aanscherping,
  • welke voorstellen liggen er voor vervolging, straftoemeting en vrijheidsbeperkende maatregelen,
  • en is de minister bereid de Kamer actief te informeren over de opvolging en de uitwerking van een Rijksprogramma, zodat de taskforce een uitvoerend instrument wordt?