17 april 2026

Situatie in Iran en het Midden-Oosten uiterst gespannen

De Tweede Kamer debatteerde op donderdag 16 april over de situatie in het Midden-Oosten. Namens de SGP nam Chris Stoffer deel aan het debat. Lees hieronder zijn bijdrage.

Iraanse Nederlanders dragen een dubbele last. Ze maken zich dagelijks zorgen om familie en vrienden in Iran Een zorg die nooit verdwijnt, omdat de band blijft en de lange arm van Teheran gevoeld wordt. En alsof altijd over je schouder kijken niet genoeg is, moeten zij steeds weer uitleggen wat er op het spel staat.
Aan mensen zonder directe band met Iran, maar die er wel gemakzuchtige meningen op nahouden.

Zoals Ilja Leonard Pfeiffer, die het uit zijn pen kreeg dat hij ‘stiekem voor Iran’ was.
Het ‘vreedzame dictatuurtje’ van de ayatollahs kon Ilja’s sympathie wel wegdragen. Geopolitiek analist Rob de Wijk ging niet zo ver om de VS en Israël een ‘redeloze en wrede agressor’ te noemen, maar opperde wel dat een Iraans kernwapen stabiliserend kan werken.

De suggestie alleen al getuigt van een onvoorstelbare wereldvreemdheid.
Het Midden-Oosten is nú al een enorme chaos. Een sjiitisch Noord-Korea is wel het laatste dat de wereld kan gebruiken. Een nucleair bewapend Iran verstoort niet alleen de regionale machtsbalans, maar zal daarnaast een bredere wapenwedloop op gang brengen, waarbij in ieder geval Saoedi-Arabië, maar wellicht ook Egypte en Turkije hun nucleaire opties op een rij zetten.
Dan zitten we pas echt met de gebakken peren.

Zelfs als de ayatollahs overleven, geldt één ding: dit regime mag nooit beloond worden voor agressie en chantage. Iederéén heeft toegang tot de Straat van Hormuz – of níemand. De Revolutionaire Garde moet tot maximale concessies worden gedwongen. Dat vraagt om druk die wérkt. De Amerikaanse zeeblokkade is precies dat: een serieuze poging om het regime economisch en strategisch onder druk te zetten. Alleen zo kan voorkomen worden dat Chinese en Indiase schepen de oorlogskas van de Revolutionaire Garde en hun proxies blijven spekken.

Daarom vraag ik de minister:

  • Kan het kabinet politieke steun uitspreken voor de Amerikaanse zeeblokkade? Zo niet, kan de minister dan toezeggen dat Nederland deze niet zal veroordelen?

Het beroep op de vrijheid van navigatie gaat hier niet op. Deze maatregel volgt immers op het illegale besluit van Iran om tol te heffen en schepen selectief door te laten. De Europese intentieverklaring van 19 maart met Japan en Canada is wat de SGP betreft alleen geloofwaardig als we een positieve grondhouding aannemen ten aanzien van de Amerikaanse blokkade. En laten we er niet omheen draaien: hoewel de NAVO niet direct betrokken is, en ook niet zou moéten zijn, gaat dit óók over het aan boord houden van de Amerikanen. De bereidheid van de VS om verantwoordelijkheid te blijven nemen voor de veiligheid op ons continent moet dit kabinet heel zwaar wegen.

De humanitaire gevolgen van de oorlog in Zuid-Libanon laten niemand onberoerd.
Maar laten we wel bij de feiten blijven: dit is een oorlog tegen Hezbollah, dat ervoor koos zich na 7 oktober aan te sluiten bij Hamas. Sinds 2006 heeft Hezbollah met steun van Iran zich steeds verder bewapend, onder toeziend oog van UNIFIL. Daarbij heeft Israël lering getrokken uit het bestand van 2024: Hezbollah benutte deze adempauze om zijn raketarsenaal en militaire bases weer op te bouwen.

  • Is de minister het met ons eens dat zowel het mandaat als de uitvoering van UNIFIL al 20 jaar tekortschiet om Hezbollah effectief te ontwapenen?
  • Wordt er nagedacht over een geloofwaardig alternatief dat Hezbollah wél kan ontwapenen, na een eventueel staakt-het-vuren?

De beste garantie voor vrede in het Midden-Oosten is een einde aan de Islamitische Republiek. Dat zou niet alleen goed zijn voor Iran, maar voor de hele regio. Dan kunnen joden en christenen weer in vrijheid samenleven met moslims. Dat is geen naïef ideaal, maar een realiteit die in Israël al bestaat – en die we de rest van het Midden-Oosten niet mogen ontzeggen.