29 september 2026
Europese beschouwingen: een keerpunt in de samenwerking?
De Europese Unie heeft de neiging om allerhande bevoegdheden naar zich toe te trekken en daarmee de lidstaten buiten spel te zetten. Toch lijkt in ieder geval binnen de Europese Commissie een groter bewustzijn te ontstaan dat de EU een samenwerkingsverband is en geen federatie. Vandaag hield de Eerste Kamer de Algemene Europese Beschouwingen. Hieronder leest u de bijdrage van Marc de Vries.
Voorzitter, in de Bijbel komen we al waarschuwingen tegen met betrekking tot een te grote concentratie van macht en bevoegdheden. God voorspelde van koningen al dat die te veel macht zouden opeisen. Zelfs een goede koning als David was niet geheel immuun voor het gevaar van oneigenlijk gebruik van macht en bevoegdheden. Niet voor niets is in onze rechtstaat sprake van een duidelijke verdeling van macht over verschillende instituties. Dat is dus een christelijk principe. Ook voor Europa is wat onze fractie betreft belangrijk om niet te veel macht en bevoegdheden te concentreren op één plaats.
Voorzitter, de Staat van Europa 2026 roept op tot een sterker Europa. De aanleiding voor die roep is helder. De geopolitieke omstandigheden zijn het afgelopen jaar sterk gewijzigd en de positie van Europa staat onder druk. Terecht wordt de vraag gesteld of ons continent de problemen het hoofd kan bieden zonder meer concentratie van macht en bevoegdheden voor de Europese Commissie om de slagvaardigheid te verhogen. Tegelijk is er de tegenvraag of het antwoord op deze vraag eigenlijk wel zo vanzelfsprekend ‘ja’ is. Is een groeiende samenwerking tussen lidstaten met hun blijvende eigen autonomie niet een even goede mogelijkheid om de geopolitieke uitdagingen het hoofd te bieden? Van veel zaken is goed te beargumenteren dat ze allereerst een nationale verantwoordelijkheid zijn. Onze fractie pleit daarom voor terughoudendheid in het overdragen van nationale bevoegdheden aan Europa. We zijn dan ook positief gestemd als we zien dat de Europese Commissie zelf op een aantal plaatsen in de Staat van Unie meer de samenwerking benadrukt dan het naar zich toetrekken van bevoegdheden.
Voorzitter, één van de gebieden waar samenwerking een krachtige rol kan vervullen is de ontwikkeling en inzet van Artificiële Intelligentie. Er zijn op dat gebied door de Commissie goede initiatieven ontplooid, onder meer in de European AI Act. Door middel van een Omnibus wil de Europese Commissie nog concretere wetgeving ontwikkelen. Daarbij is op diverse plaatsen de kans op bedreigingen voor de privacy te zien. Onze fractie betreurt dit en stimuleert het kabinet daarom waakzaam te zijn bij deze ontwikkelingen.
- Welke inzet pleegt dit kabinet om tot een zorgvuldig AI-toezichtkader te komen waarbij innovatie middels AI ruimte krijgt, en tegelijk concrete en heldere kaders worden geformuleerd waarbinnen AI en inspectie moeten opereren?
Dit is temeer relevant vanwege de constatering dat bij deze, maar ook bij andere Omnibus voorstellen geen impactanalyse is uitgevoerd. Daardoor is er in feite te weinig zicht op de mogelijke gevolgen van de voorgestelde wetgeving. Het kabinet had bij de onderhandelingen wel gepleit voor meer zorgvuldigheid maar daarvoor niet de handen op elkaar gekregen.
- Is er dan niet meer daadkracht nodig om het proces in goede banen te krijgen?
Voorzitter, vorig jaar constateerde onze fractie al dat het energiegebruik van AI in de Staat van Unie onderbelicht bleef. Datacenters en AI gebruiken 1,5% van het wereldwijde energieverbruik, en dit stijgt snel. Het aantal stemmen dat een waarschuwing laat horen is in het afgelopen jaar toegenomen en verdient daarom de aandacht. Het optimisme dat AI zal helpen om toenemend energieverbruik te helpen tegengaan, wordt door de geschiedenis gelogenstraft. Een winst in energiezuinigheid wordt al snel tenietgedaan door een toegenomen gebruik.
- Hoe kan het kabinet verduurzaming van AI in Europees verband bevorderen?
Positief zijn wij gestemd over het motief achter de Omnibussen om de regeldruk vanuit Brussel te verminderen. Dit motief speelt niet alleen op het gebied van digitale veiligheid, maar ook bij andere beleidsterreinen, zoals migratie, veiligheid, en het gebruik van grondstoffen en energie. Met instemming lazen we in de appreciatie ook dat de door de Commissie voorgestelde Omnibus burgers, eveneens gericht op het terugdringen van administratieve regeldruk, geen afbreuk mag doen aan de rechten van de EU-burgers. Ook hier wordt opgemerkt dat er onvoldoende inzicht is op de impact van deze Omnibus. Dit kabinet heeft verder beloofd om ieder jaar met een voorstel te komen om 500 regels te schrappen. Dat is een mooie nationale ambitie.
- Gaat het kabinet zich hard maken dat ook de EU een dergelijke jaarlijkse ambitie stelt?
Nog een initiatief dat onze fractie toejuicht is het beschermen van kwetsbare jongeren tegen ongewenste invloeden van sociale media. Een gezamenlijke Europese strategie zou hier zeer dienstbaar kunnen zijn. Als jongeren opgesloten raken in een digitale ‘bubbel’ raken zij het vermogen tot kritische reflectie kwijt.
- Welke inzet pleegt het kabinet binnen Europees verband om het ongezond gebruik van sociale media tegen te gaan?
Eveneens met instemming lazen we het voornemen van de Europese Commissie om onafhankelijker te worden van het buitenland, met name van de Verenigde Staten, op het gebied van ICT-platforms en infrastructuur. Een goede, strategische samenwerking zonder bevoegdheidsoverdracht kan dienen om deze gewenste onafhankelijkheid te realiseren.
Voorzitter, onze fractie is blij met het feit dat de Commissie zich blijft inzetten voor steun aan Oekraïne. De blijvende onafhankelijkheid van dit land is niet alleen voor dit land zelf, maar voor de veiligheid van heel Europa van groot belang. Te ver gaat het ons om een onafhankelijk Europees leger in te zetten, en ook het zich mengen in bevoegdheden die aan de NAVO toebehoren zien wij als onwenselijk. Ook dit zien wij als een wenselijke machtenscheiding die Brussel moet respecteren. Onze fractie constateert met instemming dat het kabinet in zijn appreciatie de rol van de lidstaten bewaakt. We zien dat bijvoorbeeld als bij de door de Commissie voorgenomen versterking van Europol opgemerkt wordt dat deze altijd in overleg met nationale politiediensten en met behoud van nationale zeggenschap dient te gebeuren. Het kabinet ziet geen noodzaak voor de voorgestelde uitbreiding van bevoegdheden voor Eurojust, de European Union Agency for Criminal Justice Cooperation. In de appreciatie wordt ook gewezen op het vasthouden aan consultatie van het Europees Parlement en de EU-lidstaten. Ook op dit punt is het ongewenst als de Europese Commissie een eigen beleid gaat voeren zonder dat de lidstaten hierin gekend worden.
Voorzitter, dit is des te meer opmerkelijk omdat het kabinet deze lijn van de nationale autonomie niet vasthoudt op het punt van zorg en welzijn. Zo lijkt zij zich erbij neer te leggen dat abortus gefinancierd wordt vanuit het ESF+ fonds, waarbij het zeer de vraag is of dit past bij de vastgestelde kaders van dit fonds en hoe dit zich verhoudt tot de nationale autonomie. Lidstaten denken verschillend over abortus en ook in Nederland is het parlement verdeeld op dit punt. Dat het debat op politiek en moreel niveau nog lang niet gevoerd is, lijkt onbelangrijk te zijn voor de EU, want die wil abortus hoe dan ook mogelijk maken. Zij zet dus haar financiële mogelijkheden in om op ethische kwesties invloed uit te oefenen terwijl zij daar helemaal niet over gaat.
- Zou die nationale bevoegdheid niet een harde lijn moeten zijn die de Europese Unie niet moet kunnen passeren, ook niet door een creatief gebruik van de bevoegdheden die de EU wel heeft en geldt dit niet nog meer voor ethische kwesties?
Nog andere plaatsen in de appreciatie waar de nationale autonomie benadrukt wordt zijn de armoedebestrijding en de Routekaart toekomst digitaal onderwijs en digitale vaardigheden. Bij die laatste roept alleen al de vrijheid van onderwijs die in ons land grondwettelijk verankerd is op tot beperking van de EU-bevoegdheden. Tenslotte noemen we ook het klimaatbeleid in dat kader. Ook hier bepleit het kabinet het rekening houden met locatie-specifieke omstandigheden in Europees beleid. Ondertussen is wel de vraag of Nederland die ruimte moet gebruiken om strengere eisen aan klimaatgerelateerde doelen te stellen dan andere lidstaten, zoals Duitsland.
- Welke inzet pleegt dit kabinet om in EU-verband andere belangen te laten wegen naast het belang van natuurherstel?
- Gaat dit kabinet zich hard maken om de stand van de natuur feitelijk te meten in plaats van die te baseren op een abstract rekenmodel? Kortom: wordt de daadwerkelijke stand van de natuur in beeld gebracht door observatie in plaats van postulatie?
- En gaat het dit kabinet lukken om de EU aan het verstand te peuteren dat ieder EU-land zijn eigen afwegings- en beleidsruimte verdiend om zo tot passende maatregelen te komen die recht doen aan de nationale omstandigheden?
Voorzitter, samenvattend kunnen we zeggen dat onze fractie verheugd is over menig signaal dat het kabinet aan de Europese Commissie afgeeft om de eigenheid en autonomie van de lidstaten niet uit het oog te verliezen. Tegelijk hebben we enkele punten van zorg aangegeven. We zien uit naar de antwoorden van het kabinet op de vragen die we in dat verband gesteld hebben.