27 september 2021

"Er bestaat geen hoopvoller mensenrecht dan het ‘recht op leven’."

Lees of bekijk hier de bijdrage van SGP-Kamerlid Roelof Bisschop aan het notaoverleg over abortus en draagmoederschap. Zolang er leven is, is er hoop.Daarom bestaat er geen hoopvoller mensenrecht dan het ‘recht op leven’. Dat geldt voor ons allen, die het voorrecht hadden geboren te worden, en beschermd worden door onze wetten en rechtsstaat. Maar dat geldt ook voor de ‘mens in de dop’, die – als een bloem in de knop – nog zal ontluiken om tot bloei te komen. Althans, wanneer het hem of haar gegund wordt.

Gendercide en gedwongen abortussen
Dat laatste geldt juist ook voor ongeboren meisjes. Zij zijn wereldwijd extra vaak slachtoffer van abortus, bijvoorbeeld omdat binnen een culturen zonen meer gewenst zijn dan een dochter. Mijn eerste vraag aan de minister is: Is hij bereid deze ‘gendercide’ met prioriteit te blijven aankaarten in diplomatieke contacten met landen waar dit veel voorkomt, zoals Vietnam, Bangladesh, Armenië en Albanië?

Abortussen komen ook voor vanwege drang of dwang uit de omgeving van de moeder. Helaas bestaat daarvan nog maar weinig kennis en inzicht. Is de minister bereid in VN-verband een voorstel te doen voor een onderzoek naar het vóórkomen en voorkómen van drang en dwang om een abortus te ondergaan?

Tot slot, op dit punt: Nederland investeerde in 2020 liefst €423 miljoen in SRGR-beleid, waaronder ‘veilige abortussen’. Nu is géén abortus, dat zal de minister beamen, altijd beter is dan een ‘veilige’ abortus.
Eén manier om abortus te voorkomen is goede zorg voor moeder en kind. Zo zijn er in Oekraïne diverse ‘Mother and Child Centers’ die zorgen voor heel praktische hulpverlening en opvang. Wil de minister een deel van het SRGR-budget expliciet ten goede laten komen aan deze organisaties voor goede moeder- en kindzorg ter preventie van abortus?

Misstanden rond draagmoederschap
Ook op het vlak van draagmoederschap bestaan internationaal misstanden. Bijzonder schrijnend zijn de ‘babyfabrieken’ in landen als Oeganda, Vietnam en Oekraïne. Daar worden zwangere vrouwen gedwongen hun kind meteen na de geboorte af te staan. Dat zijn toch onvoorstelbare praktijken…

Nederland besteed veel aandacht aan de positie van meisjes en vrouwen wereldwijd, maar hier liggen volgens de SGP-fractie nog serieuze kansen. Verdienen vrouwen niet óók onze hartelijke steun tegen uitbuiting als draagmoeder? Ik heb daarover de volgende concrete vragen aan de minister: Wil hij opties verkennen voor een wetsartikel dat ‘misstanden bij draagmoederschap’ als zodanig strafbaar stelt, en dat internationaal agenderen? En wil hij, samen met het ministerie van J&V, werk maken van centrale registratie van draagmoederschapstrajecten, zodat Nederlanders niet (bewust of onbewust) betrokken zijn bij misstanden – als slachtoffer of als vragende partij?

De initiatiefnota van SGP-Kamerlid Chris Stoffer is hier te lezen.